arrow_drop_up arrow_drop_down
27 maart 2019 

Hoe bereik je een goeie afspiegeling van je bevolking voor je participatietraject?

Op dinsdag 26 maart 2019 waren we aanwezig op het Congres Lokale en Provinciale Politiek (#congresLPP2019) van de Universiteit Gent. Er was heel wat aandacht voor de toekomst van provincies en mogelijke nieuwe fusies van gemeenten. Maar daarnaast debatteerden de deelnemers van het congres ook over de breuk tussen burger en de politiek. Want sinds de jaren ’90 tot op vandaag wordt de breuklijn tussen politici en de burgers die zij besturen alsmaar groter.

Om met die kloof om te gaan, zijn heel wat (lokale) overheden daarom met participatietrajecten gestart. Participatie kan verschillende dimensies hebben, van een informatievergadering zonder inspraak tot co-creatie, waarbij burgers/verenigingen en experten binnen de overheidsdienst samen beslissen waar een bepaald deel van het gemeente- of stadsbudget aan besteed wordt.

Burgerbudget

Zo kwam Gents schepen Astrid De Bruycker langs op het congres om haar ervaringen rond het burgerbudget te delen. “Het idee om burgers mee te laten beslissen over wat er met het belastinggeld gebeurt, werd warm onthaald in de stad. Alleen moeten we er in onze communicatie op letten dat we de co-creatie goed in de verf zetten. Vaak dachten mensen dat ze hun idee bij ons konden droppen, en daarmee gedaan. Maar dan begon het pas.”

Ook Stephanie D’Hose, adjunct-kabinetchef van minister Sven Gatz, heeft goede ervaringen met burgerparticipatie. Voor de beleidsdomeinen van Gatz, zoals cultuur en jeugd, werd met behulp van een externe firma een participatietraject opgestart. Daaruit kwam onder meer dat er meer aandacht moet zijn voor cultuur in het VRT-journaal en er een actieplan voor cultuur in onderwijs moet komen. “Participatietrajecten werken alleen maar als ze beperkt in de tijd zijn en er genoeg aandacht is voor de nazorg.”

Ook Torhouts schepen Lieselotte Denolf deelde haar ervaringen rond participatie, daar loopt momenteel een traject over de vernieuwing van de Markt. “Een absoluut noodzakelijke stap in onze democratie, die ook wel enorm veel energie vergt.”

Enkel blanke man van middelbare leeftijd

Allen stootten echter op één belangrijke ‘les’: “We merken dat we voornamelijk de blanke mannen van middelbare leeftijd bereiken“, klonk het in koor. We noemen dit ook wel eens de kleine groep ‘overheidsbetrokkenen’ in de maatschappij. “Ook als we met loting werken en een uitgelote groep mensen een uitnodiging sturen, merken we dat slechts 10 procent daarop ingaat, en dat is opnieuw diezelfde groep mannen”, klonk het bij professor Julien van Ostaaijen van de Universiteit Tilburg.

Onze reflectie bij dit alles?
Om inwoners te betrekken, moet je hen in de eerste plaats ook kunnen bereiken op een laagdrempelige manier. Niet iedereen, en zelfs een heel klein deel, gaat in op uitnodigingen voor burgerpanels of een online forum. Maar ook daar zien we heel wat ontwikkelingen. De nieuwste ontwikkeling hiervoor is een flitspeiling. Dat zijn vaak korte vragenlijsten op het platform waar een heel grote doorsnede van jouw bevolking actief is: Facebook (en Instagram)Waarom zijn flitspeilingen op Facebook even betrouwbaar als andere onderzoeksmethodieken?  

Benieuwd naar de aanpak van Utrecht en Tilburg met flitspeilingen? Op Frankwatching staat dit interessant artikel met duiding over deze aanpak. 

Terugkoppeling noodzakelijk

Tot slot van het debat rond participatie, bleek een laatste belangrijk knelpunt de terugkoppeling te zijn. Vaak zorgen participatietrajecten voor heel wat input, waar ook degelijk iets mee gedaan wordt. De burgers die de input gaven, krijgen echter niet altijd de terugkoppeling en hebben vaak de indruk dat er niets of te weinig gedaan wordt met de input.

Veel lessen om mee te nemen naar de toekomst, nu heel wat gemeenten in hun beleidsplan burgerparticipatie hoog in het vaandel zullen dragen, of nu al bij de opmaak van het meerjarenplan participatieve trajecten opzetten. Ook wij kunnen helpen, door een flitspeiling op te zetten bijvoorbeeld, of door jouw medewerkers te leren omgaan met sociale media om je communicatie en dus terugkoppeling naar de burgers toe gesmeerder te laten lopen.

Dicht de kloof tussen burger en politiek!

Om de kloof tussen burger en politiek te dichten, kunnen we helpen. We bekijken dit met de sociale media reflex en ontmoeten de burger op het online dorpsplein. 

>>  Helpen we via flitspeilingen te polsen wat er écht leeft, bij de doorsnee inwoners.

We kunnen hiermee 2 types peilingen (of flitspeilingen) via Facebook uitvoeren:
1. Wat denkt de bevolking over specifieke problemen, aspecten of dilemma’s?
2. Reputatiepeiling.

>> Starten wij nu met coaching-trajecten om partijen te helpen om ook na de verkiezingen het contact met de burger te blijven maken, de principes uit ons boek ‘Het Nieuwe Campagne Voeren’ te blijven hanteren en continu in interactie met de burgers te blijven, open en transparant te betrekken en het daarbij ook veel hebben over de WHY van beslissingen.

>> Helpen we alle geïnteresseerden via de nieuwe manier van sociale media leren (Someflex), de knoppen van alle kanalen goed onder de knie te hebben en creatieve content te maken met gratis apps.  Hoe beter je de knoppen van de sociale media kanalen kent, hoe beter je ermee aan de slag gaat.

>> Monitoren op sociale media, weten wat er leeft en speelt. Dit beeld binnen brengen bij de politici en zo omgevingsbewust acteren op het online en offline dorpsplein.

Over de schrijver
Wij gebruiken cookies